A Bright City Patch
Erik Sok

A Bright City Patch

Hoe vaak gebeurt het niet dat het antwoord gewoon op straat ligt? Je hoeft het alleen nog maar even te lezen. Dat
is wat die mensen in witte pakken hier staan te doen. Ze proberen de stad te lezen en antwoord te vinden op grote vragen. Hoe werkt een stad? Hoe wordt ze beleefd en hoe kun je die beleving verbeteren? Er zijn zoveel deskundigen die zich dagelijks over die vraagstukken buigen. Planologen, burgemeesters, citymanagers, loodgieters, politieagenten, kunstenaars. Maar wie vraagt de stad zelf om hulp?

Deze witte pakken dus. Ze lijken iets te onderzoeken. Ze leggen hun oor te luister bij een stukje van de Muiderstraat, waar iets tussen de stenen omhoog lijkt te borrelen. Dat doen ze in opdracht van de Amsterdamse kunstenaar Erik Sok. Die wilde een kunstwerk maken dat hetzelfde effect heeft als wanneer er in een trein iets gebeurt. Iets groots, iets kleins, het maakt niet uit; als er maar iets voorvalt en de mensen die zo-even nog voor zich uit staarden of verdiept waren in boek, krant, telefoon, ineens opkijken en met elkaar gaan praten. Laat dat ook in de Muiderstraat gebeuren. Simpel ding, groots effect – dat moest A bright city patch zijn. Een paar in beton gegoten etalagepoppen die gebogen staan boven een container met ledlampjes. Deze ligt onder het straatoppervlak verankerd, zodat het licht door de spleten kan piepen. Stuk plexiglas erover, en klaar. Maar wat een resultaat. Het is alsof wij, bewoners van het aardoppervlak, worden toegesproken vanuit de krochten van het ondermaanse – of nou ja goed, misschien gewoon vanuit het gangenstelsel van het Amsterdamse metronet. Evenwel: hier gebeurt iets. Iets groots, iets kleins, het maakt niet uit. We moeten erbij zijn. Die steriele witte pakken kunnen natuurlijk verwijzen naar ronduit huiveringwekkende zaken. Een ongeluk. Een liquidatie. Sporenonderzoek door een mobiel forensisch team. Ellende. Maar ellende, vindt Erik Sok, verdient net zo goed een plek in de stad als vrolijkheid. En trouwens – wie zegt dat we hier niet kijken naar een groep euforische onderzoekers die net een belangrijke archeologische vondst hebben gedaan?

Soks beeldengroep moest in elk geval zo dicht mogelijk bij de werkelijkheid blijven, omdat zo’n levensgrote groep figuren mensen eventjes op het verkeerde been zet. Is dit echt? Dan is het eng. Is dit niet echt? Dan is het nog enger. Net als het poppencafé The Beanery van Edward Kienholz, een van de topstukken van het Stedelijk Museum Amsterdam. Ook daar loopt elke bezoeker enigszins op zijn hoe- de naar binnen. Hij krijgt hij de schrik van zijn leven als hij ontdekt dat het gezicht van de omgedraaide vrouw in de gestreepte trui - net als de gezichten van de mensen om haar heen - uit een analoge klok bestaat.

Zie. Genoeg stof om over te praten. En zo lijkt de straat
dan toch eindelijk antwoord te geven op de vragen die de stadsbewoners aan haar stellen. Het luidt zo. Hier. Hier gaat het om. Je kijkt, je bent nieuwsgierig, je babbelt erover met je buurman of een toevallige voorbijganger en plotseling is daar een gesprek. Lang, kort, het maakt niet uit. Als er maar een gesprek is. Dan kan de straat tevreden zijn.

Werk van andere kunstenaars

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Emailadres is verplicht